Eigen taal

Je bent op de website al een aantal woorden tegenkomen die niet precies kloppen met de Nederlandse spelling. Mussekoning bijvoorbeeld. Dat zou eigenlijk Mussekoning moeten zijn. Of meerminnekes, wat natuurlijk meerminnetjes betekent. Maar als er meerminnetjes had gestaan, zou je dat zelf waarschijnlijk toch uitgesproken hebben als meerminnekes. Zo praten de meeste mensen in Steenbergen namelijk, vooral de wat oudere mensen. Dat is hun eigen taal. We noemen dit dialect, of ‘plat praten’.

Met carnaval mag je bijna alle woorden ook opschrijven zoals je ze zegt. Dat lijkt gemakkelijk, maar dat is nog best lastig. Voor de Nederlandse taal die wij allemaal kennen, zijn regeltjes. Op school leer je bijvoorbeeld welke woorden je met een lange ij moet schrijven, of juist met een korte ei. En wanneer een werkwoord op een d, een t of op dt eindigt. Nederlands is een officiële taal, Steenbergs niet. Dat maakt het zo moeilijk. Gelukkig krijg je op school geen proefwerk over de Steenbergse taal, dus als je het fout doet, is het ook niet erg.

Er zijn een paar woorden, waarvan het in ieder geval leuk is om te weten hoe je die het best in het Steenbergs kan schrijven en wat ze betekenen, omdat ze met ons carnaval te maken hebben. Of gewoon omdat ze er grappig uitzien in het Steenbergs.

Wat ook handig is om te weten, is dat woorden die je in het Nederlands met twee aa’s schrijft, zoals jaar, in het Steenbergs bijna altijd met ao worden geschreven: jaor, klaor, zaol, baos, laot… Luister maar eens goed naar jezelf als je zo’n woord uitspreekt, dan hoor je ook echt een a en een o! Dit geldt trouwens ook voor veel woorden die in het Nederlands maar met één a worden geschreven, zoals wagen: waoge. Van zulke (werk)woorden valt de n ook bijna altijd weg: praote, zaoge, spaore.

Karneval – Carnaval
Dweile – Dweilen (achter een muziekgroep (dweilbandje) aan over straat lopen met carnaval)
De Gum – Gummaruskerk (grote rooms-katholieke kerk op de Markt in Steenbergen)
Stad’uis – Stadhuis (het oude gemeentehuis in de Kaaistraat, waar vroeger de burgemeester werkte)
Simmesaovie – Simonshaven (klein straatje tussen de Beerenstraat en de Nicolaas Peckstraat in het oude centrum van Steenbergen)
Suukerpeeje – Suikerbieten
Pliessie – Politie (met carnaval dus Jan Oorlog)
Draoje – Draaien
Makkeluk – (Ge)makkelijk
Pèèrd – Paard
Gin – Geen
Nuske – Neus(je)
Blommeke – Bloemetje of bosje bloemen
Sogges – ’s Ochtends of ’s morgens
Kedoowke – Cadeautje
Giestere – Gisteren

Heb je al een beetje in de gaten hoe het werkt? En weet je nog waarom wij elkaar in Strienestad met carnaval bietboerkes en meerminnekes noemen, waar de Mussekoning en de (Deftige) Flodder vandaan komen, en wat Jan Oorlog en de Nar in het gevolg van de Prins doen? Dan zul je het carnavalsliedje op de volgende pagina ook wel begrijpen. Het heet “’t Gèèfste plekske aon de Vliet!” Lekker meezingen, ook als je het met carnaval hoort natuurlijk, en als je nog eens iets wilt weten over carnaval in Strienestad, vraag het dan gerust aan de Prins en de rest van het gevolg.
Of kijk op internet: https://sks-steenbergen.nl, volg de SKS via Facebook en Instagram

JanOorlogMussekoningPrinsNarDeftigFlodder